Een EPLAN-schema controleer je door een combinatie van de ingebouwde controletool te gebruiken én het schema handmatig te toetsen aan de mechanische en functionele realiteit van de machine. De automatische check vangt syntaxfouten en inconsistenties op, maar de inhoudelijke logica vraagt om menselijke expertise. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over het reviewen van EPLAN-schema’s.
Welke fouten komen het vaakst voor in een EPLAN-schema?
De meest voorkomende fouten in een EPLAN-schema zijn ontbrekende of dubbele klembenamingen, foutieve potentiaalverbindingen, inconsistente componentreferenties en kabellijsten die niet overeenkomen met het schema. Daarnaast komen regelmatig fouten voor in de pagina-indeling, zoals verkeerde bladzijdenummering of ontbrekende titelblokinformatie.
Veel van deze fouten ontstaan niet door onoplettendheid, maar door de manier waarop projecten groeien. Een schema dat in fasen wordt opgebouwd, of waarbij meerdere engineers aan hetzelfde project werken, is gevoeliger voor inconsistenties. Denk aan een component die in het schema een andere aanduiding krijgt dan in de stuklijst, of een kabel die in het bedradingsschema anders gelabeld staat dan in de kabellijst.
Een andere veelvoorkomende categorie is de functionele fout: het schema is technisch correct, maar de logica klopt niet. Een noodstopkring die niet alle relevante aandrijvingen uitschakelt, of een motorsturing zonder thermische beveiliging. Dit soort fouten vereist inhoudelijke kennis van de machine en zijn veiligheidseisen.
Hoe gebruik je de ingebouwde EPLAN-controletool?
De ingebouwde controletool in EPLAN activeer je via Project > Controleer (of Project > Check in de Engelstalige versie). Hier selecteer je welke controleregels je wilt uitvoeren, zoals het controleren op ontbrekende verbindingen, dubbele benamingen of onvolledige componentgegevens. EPLAN genereert vervolgens een foutrapport dat je stap voor stap kunt doorlopen.
Werk je de foutmeldingen systematisch af, dan begin je met de meldingen met de hoogste prioriteit, de rode fouten, voordat je de waarschuwingen in gele kleur aanpakt. Niet elke waarschuwing is een echte fout: sommige zijn bewuste ontwerpkeuzes. Het is dan ook verstandig om per project duidelijke afspraken te maken over welke meldingen acceptabel zijn en welke altijd opgelost moeten worden.
Een goede werkwijze is om de controletool niet alleen aan het einde van het project te draaien, maar ook tussentijds. Zo voorkom je dat fouten zich ophopen en moeilijk te traceren zijn in een groot schema.
Wat controleert EPLAN automatisch en wat niet?
EPLAN controleert automatisch op formele en structurele fouten: dubbele klembenamingen, ontbrekende verbindingen, inconsistente componentreferenties, onjuiste potentiaalverbindingen en onvolledige stuklijstgegevens. Wat EPLAN niet automatisch controleert, is de inhoudelijke juistheid van het schema, de functionele logica, de naleving van veiligheidsnormen en de aansluiting bij de mechanische opbouw van de machine.
Dit onderscheid is cruciaal. De tool ziet wel dat een draad nergens op aansluit, maar niet of de motorbeveiliging correct gedimensioneerd is voor de belasting in de praktijk. EPLAN controleert of een klem een naam heeft, maar niet of die klem op de juiste positie in de schakelkast zit ten opzichte van de mechanische componenten.
Kortom: de automatische controle is een krachtig hulpmiddel voor kwaliteitsborging op formeel niveau, maar vervangt de inhoudelijke review door een ervaren engineer nooit volledig.
Hoe controleer je of het schema aansluit bij de mechanische realiteit?
Om te controleren of een EPLAN-schema aansluit bij de mechanische realiteit, leg je het schema naast de mechanische tekeningen of het 3D-model van de machine. Controleer of elke sensor, aandrijving en actuator in het schema terugkomt in de mechanische opbouw, en omgekeerd. Kloppen de kabelroutes, klemposities en schakelkastlocaties met de fysieke inbouwsituatie?
Dit is precies waar het in de praktijk vaak misgaat bij extern ingeschakelde partijen die de machine zelf niet kennen. Een schakelkast die op papier klopt, maar in de machine niet past omdat de kabelgoot op een andere positie zit, kost kostbare correctietijd in de productie.
Een effectieve aanpak is het gebruik van een gezamenlijke componentenlijst die zowel door de mechanisch als de elektrisch engineer wordt bijgehouden. Zo zijn beide disciplines altijd gesynchroniseerd. Bij elektrische engineering werken onze elektro-engineers en werktuigbouwkundigen in hetzelfde team, waardoor het schema altijd in lijn is met de mechanische opbouw en er geen verrassingen zijn bij de inbouw.
Wanneer schakel je een externe partij in voor schema-review?
Een externe partij voor schema-review schakel je in wanneer de interne capaciteit of expertise onvoldoende is om de kwaliteit te garanderen, wanneer er tijdsdruk is op de doorlooptijd, of wanneer een onafhankelijke blik nodig is om fouten te ontdekken die intern over het hoofd worden gezien. Ook bij certificeringstrajecten of veiligheidskritische machines is een externe review standaardpraktijk.
In de machinebouw is het niet ongewoon dat de mechanische engineering intern sterk is, maar de elektrische documentatie achterblijft door beperkte capaciteit. Op dat moment loopt de doorlooptijd op en staat de machine stil terwijl het schema nog niet gereed is. Een externe partner die snel inzetbaar is en de machine begrijpt, lost die bottleneck direct op.
Let bij de keuze van een externe partij op meer dan alleen EPLAN-vaardigheid. De waarde zit in het begrip van de machine als geheel. Een reviewer die alleen naar het schema kijkt zonder de mechanische context te kennen, mist de inhoudelijke fouten die in productie pas zichtbaar worden.
Wil je weten of een externe review of volledige uitbesteding van de elektrische engineering bij jouw project past? Neem contact op met ons, zodat we samen kunnen bekijken wat de slimste aanpak is voor jouw situatie. Als onafhankelijk ingenieursbureau met vestigingen in Cuijk, Schijndel en Weert levert Kruispunt Engineering elektrische schema’s die kloppen, aansluiten en direct bruikbaar zijn in productie.
Veelgestelde vragen
Hoe vaak moet je een EPLAN-schema laten reviewen tijdens een project?
Een EPLAN-schema reviewen is geen eenmalige actie aan het einde van het project, maar een doorlopend proces. Plan minimaal één tussentijdse review in na de eerste volledige opzet van het schema, en een definitieve review vlak vóór de vrijgave voor productie. Bij grotere of veiligheidskritische projecten is het verstandig om na elke significante wijziging of uitbreiding een gedeeltelijke controle uit te voeren, zodat fouten vroeg worden opgespoord en herstelkosten laag blijven.
Wat zijn de meest gemaakte fouten bij het instellen van de EPLAN-controletool?
Een veelgemaakte fout is het klakkeloos accepteren van de standaardinstellingen van de controletool zonder deze af te stemmen op de projectspecifieke normen en afspraken. Hierdoor worden sommige relevante controles niet uitgevoerd, of juist zoveel waarschuwingen gegenereerd dat engineers ze gaan negeren. Stel per project expliciet in welke controleregels actief zijn, documenteer welke meldingen bewust worden genegeerd en waarom, en zorg dat dit voor alle betrokken engineers duidelijk is.
Hoe ga je om met EPLAN-schema's die door meerdere engineers tegelijk worden bewerkt?
Bij samenwerking aan hetzelfde EPLAN-project is het essentieel om duidelijke naamgevingsconventies, paginastructuren en componentstandaarden vooraf vast te leggen in een projecttemplate of stijlgids. Gebruik de projectvergrendeling of werksegmentatie binnen EPLAN om conflicten te voorkomen wanneer meerdere engineers tegelijk actief zijn. Plan bovendien vaste synchronisatiemomenten in waarbij de deelschema’s worden samengevoegd en gecontroleerd op onderlinge consistentie, zoals overeenkomende klembenamingen en potentiaalverbindingen over de grenzen van de deelschema’s heen.
Welke normen zijn relevant bij het reviewen van een EPLAN-schema voor machines?
Bij het reviewen van een EPLAN-schema voor machines zijn de belangrijkste normen de EN 60204-1 (elektrische uitrusting van machines), de NEN-EN-ISO 13849 of IEC 62061 voor veiligheidsgerelateerde stuurcircuits, en de relevante EMC-richtlijnen. Afhankelijk van het type machine en de markt waarvoor deze bestemd is, kunnen aanvullende normen van toepassing zijn, zoals ATEX voor explosiegevaarlijke omgevingen. Een reviewer met kennis van deze normen kan beoordelen of het schema niet alleen technisch klopt, maar ook voldoet aan de wettelijke vereisten voor CE-markering.
Kan ik een bestaand EPLAN-schema van een leverancier zelf beoordelen op volledigheid?
Ja, een eerste beoordeling van een leveranciersschema is zeker mogelijk met een gestructureerde aanpak. Controleer of de stuklijst overeenkomt met de componenten in het schema, of alle klembenamingen consistent zijn met de aansluitschema’s, en of de veiligheidscircuits zoals noodstop en thermische beveiliging volledig zijn uitgewerkt. Houd er rekening mee dat een formele beoordeling op functionele juistheid en normconformiteit specifieke kennis vereist; schakel bij twijfel een onafhankelijke engineer in die zowel het schema als de machine functioneel begrijpt.
Hoe zorg je ervoor dat een goedgekeurd schema ook na wijzigingen correct blijft?
Wijzigingsbeheer is een van de meest onderschatte aspecten van elektrische documentatie. Stel een formeel wijzigingsproces in waarbij elke aanpassing aan het schema wordt geregistreerd met datum, reden en naam van de engineer, en waarbij het revisienummer in het titelblok consequent wordt bijgehouden. Voer na elke substantiële wijziging opnieuw de EPLAN-controletool uit en laat ingrijpende wijzigingen opnieuw reviewen, zodat het goedgekeurde schema altijd de actuele en correcte situatie weerspiegelt.
Wat is het verschil tussen een schema-review en een volledige elektrische engineering-uitbesteding?
Bij een schema-review toetst een externe partij een door jou of je team opgesteld schema op fouten, volledigheid en normconformiteit, zonder zelf het ontwerp te maken. Bij volledige uitbesteding van de elektrische engineering draagt de externe partij de verantwoordelijkheid voor het gehele traject: van functioneel ontwerp en componentkeuze tot het opleveren van een productieklaar, gecontroleerd EPLAN-schema. Welke vorm het meest geschikt is, hangt af van de interne capaciteit, de complexiteit van de machine en de beschikbare doorlooptijd.


